In een klas zitten kleuters van 3,5 tot 6 jaar bij elkaar. Ze blijven gedurende hun kleutertijd bij dezelfde juf. Zo ervaren ze hoe het voelt de jongste, de middelste of de oudste van de groep te zijn.  De spelvoorwaarden zijn voor een 4-jarige echter anders dan voor een 5 of 6-jarige. De activiteiten zijn daarom zo opgebouwd dat de kinderen zich volgens hun eigen ritme kunnen ontwikkelen. De oudste kleuters richten zich daarbij steeds meer op de overgang naar de eerste klas door het doen van kleine opdrachten.

Hun voornaamste bezigheid is spel. Hierdoor wordt de fantasie en de creativiteit aangesproken. Spelen is leren.

Door het spel- en materiaalaanbod wordt zowel de fantasie als de zintuigen gestimuleerd.

Motorisch kan het kind zich uitleven in het spel, het bouwen, loop-en kringspelen , de vele bewegingsactiviteiten maar ook in onze ruime groene omgeving waar veel te ontdekken valt.

Tijdens de knutselactiviteiten en het rijke aanbod aan vingerspelletjes richten we onze aandacht meer op de fijne motoriek.

Een kleuter leert vanuit de nabootsing . Een geschikte nabootsingsomgeving is daarom uiterst belangrijk.

In de kleuterleeftijd kan er niets mooier zijn dan dat jonge kinderen hun ontwikkelingsstappen stuk voor stuk volledig kunnen zetten en gezond doorleven.